Below is the copy of an email – in Dutch – that I sent at 13:12 local time on 3 April 2026 (yes, with one typo).
I had already removed the page with the sudden flood of crimes – and their background – that started on 12 March 2026, when I was confronted with the ludicrous matter described below.
I am following up on the incidents, too.
For the record, the mentioned changed circumstances have a lot to do with Tram 14 running its normal route again. (I’m delighted!) In addition, Tram 25 is currently running differently and that, too, has advantages for me.
Dit bericht is bedoeld voor:
– Martin Berendse, Omar el Khamlichi, Erik Versnel, Gunay Uslu, Lodewijk Asscher, Jacqueline Lampe en Rosanne Bakker.
Het gaat om het volgende.
- Ik zat op donderdagmiddag 2 april 2026 rustig te werken op mijn laptop in de OBA-vestiging Javaplein toen er opeens een politieagent naast me stond die me meedeelde dat mij de toegang tot de bibliotheek was ontzegd en dat ik mijn spullen moest pakken.
- Ik was daar op 26 maart 2026 lastig gevallen door een agressieve persoon waar ik niets mee te maken had en niets mee te maken wilde hebben. Die was opeens binnengestormde en vloog me min of meer aan op een manier waar ik me rot van schrok. Gelukkig verliet zij door toedoen van een OBA-medewerker de bibliotheek weer. Ging het daar over?
- De agent verklaarde verder dat ik ook niet in de vestiging Linnaeusstraat mag komen. Dat is nog vreemder want daar kom ik zelden of nooit. Toevallig was ik er die ochtend even naar binnen gelopen op mijn weg terug van de Action omdat ik letterlijk last had van diarree en toen bedacht dat ik bij de OBA even van het toilet gebruik kon maken. Ik heb die vestiging een keer per ongeluk ontdekt toen ergens anders de warme-dranken-machine defect was. De kuipstoelen bij de balie zijn heerlijk om in te zitten als je last van je rug hebt (ik heb een lichte aangeboren vergroeiing in mijn ruggengraat) en ook om soms een kletspraatje met een vreemde in de andere stoel te maken.
- De agent in kwestie wist niet waarom mij de toegang werd ontzegd, zei hij, maar wilde uiteindelijk wel kwijt dat ik een OBA medewerker privé zou hebben lastig gevallen.
Aha!
Er is maar één medewerker die ik wel eens in een privé context heb ontmoet.
Dat was echter vóórdat ik wist dat deze persoon bij de OBA werkt. Ook zij wist niet dat ik wel vaker bij de OBA kom. Ik kom haar wel eens tegen op weg naar de supermarkt en dergelijke. Ander personeel van de OBA ben ik volgens mij privé nog nooit tegengekomen.
Dit is dus een knettergek verhaal.
Het gekopieerde papiertje dat ik iets later kreeg overhandigd bevestigde dat het om mw. An Desmet gaat.
Het volgende is het geval.
- Mw. Desmet deelde mij in pakweg mei 2025 in de privésfeer mee dat zij op het adres Bankastraat xxx woont met haar partner Paul. Ze zei dat ik bij hoge nood bij haar aan mocht bellen. Dit was dus VOORDAT ik wist dat ze bij de OBA werkt. Haar mailadres of mobiele nummer heb ik niet.
- Deze mevrouw Desmet benaderde me vervolgens zelf toen ze mij op een dag in de vestiging Javaplein herkende en me een gratis kopje koffie aanbood. Eerlijk gezegd was ik daar niet zo blij mee; ik ervoer het als een schending van mijn privacy, maar ze bedoelde het goed dus heb ik er niets van gezegd.
- Deze zelfde mevrouw Desmet kwam ik in december 2025 op een avond weer een keer op straat tegen. Dat was in de Javastraat. Ze vertelde me toen over een buurtcentrum dat volgens haar erg gezellig was, dat ik daar eens moest gaan kijken. Ze hoopte me daar in de toekomst vaker te zien. Ze doet daar vrijwilligerswerk, zei ze. Ze voegde eraan toe dat ze in ruil voor dat vrijwilligerswerk waardebonnen kreeg en er nog een stuk of zeven had die binnenkort zouden verlopen. Die heeft ze me een dag of wat later gegeven en ik heb er in supermarkt Het Lange Mes vooral chocolade en dolmades mee gekocht.
- In de praktijk mijd ik de Bankastraat al heel lang omdat in deze straat de stoepen zodanig zijn dat je er vaak op straat moet gaan lopen en ik deze mevrouw liever niet tegenkom. Als ik in de vestiging Javaplein was en zag dat zij dienst had, deed ik mijn best om de vestiging ruim voor sluitingstijd te verlaten om de kans te verkleinen dat ik haar vervolgens buiten zou tegenkomen. Ze zeurt namelijk vaak een beetje en is een tikkie naïef. Verder is het volgens mij best wel een okee mens. Althans, dat dacht ik.
- Op 20 maart 2026 heb ik na een incident ‘s avonds voor het eerst bij haar aangebeld, waarop haar partner vreemd genoeg meteen de voornaam van zijn partner zei in plaats van mijn naam en flink tegen me begon te foeteren. Heel vreemd. Ik was op zoek naar het huisnummer van iemand anders, waarvan ik dacht dat het 53 was maar dat bleek ik kennelijk mis te hebben. Dat is iemand die An Desmet kent. Mijn mobiel haperde waardoor ik het telefoonnummer van die andere persoon niet op mijn scherm kon krijgen om te bellen. Haar partner gaf me niet eens de kans om dat te zeggen. Ik ben vervolgens naar iemand anders gegaan die wél thuis gaf (Marcel). Ik vond het gedrag van de partner van mw. Desmet zodanig dat het leek alsof hij achter het gebeurde incident zat, tot mijn stomme verbijstering. Dit was mijn eerste interactie met deze man en dat was via de intercom; ik zou hem op straat niet herkennen.
Ik maak puur uit principe bezwaar.
Mijn omstandigheden zijn veranderd waardoor ik toch al niet van plan was om nog vaak op de locatie Javaplein te komen (niet mijn favoriete locatie) en ik bezocht de vestiging Linnaeusstraat slechts zeer zelden. Er zijn allerlei andere plekken waar ik vaak zit te werken en waar ik welkom ben en die niet bij de OBA horen.
Ik heb echter onlangs meegemaakt dat op de vestiging Javaplein een meneer met een donkere huidskleur steeds door OBA-medewerkers werd lastig gevallen waar hij op een gegeven moment heel boos om werd. Volgens mij was dat puur toeval, maar ik ga daar nu een groot vraagteken bij zetten.
Ik heb eerder op de vestiging Oosterdok waargenomen dat daar bijvoorbeeld door de beveiliging vaak jonge mensen werden lastig gevallen die gewoon samen met huiswerk bezig waren en niets verkeerds deden. Daar stond tegenover dat er een keer iemand rondliep die boeken van de planken trok en ze in het rond smeet. Dat is de enige keer dat ik heb meegemaakt dat er vanuit het publiek een onprettige situatie werd veroorzaakt, maar de beveiliging reageerde er niet op. Ik ben opgestaan en heb alle boeken vervolgens opgeraapt en op hun plek terug gezet. Twee boeken leken van een andere etage te komen; die heb ik in een tijdelijke display met andere boeken gezet zodat uw medewerkers ze zouden vinden en konden retourneren.
Ik heb rond die tijd ook per mail getracht uit te leggen dat op dat moment vanuit de OBA zelf een onveilige sfeer werd gecreëerd. Ik heb daarbij geadviseerd om contact op te nemen met een expert op dat gebied (Beatrice de Graaf, waarvan het werkgebied en inzicht me vanuit Engeland al waren opgevallen, maar die ik verder niet ken).
Rond Pasen – dat zal in 2025 zijn geweest maar misschien was het al in 2024 – veranderde op de locatie Oosterdok de sfeer namelijk opeens grondig. Die werd ronduit grimmig. Ik weet niet wat daar achter zat, maar iemand van de beveiliging benaderde mij op een gegeven moment en vroeg mij om een paar dingen bij de OBA aan te kaarten omdat de situatie met de vele wijzigingen en extra regels en instructies voor de beveiligers onwerkbaar (en ook ronduit belachelijk) begon te worden. Helaas heb ik dat toen niet gedaan, voor zover ik mij herinner. Wel merkte ik recent een keer dat de sfeer weer wat relaxter leek te zijn geworden, ook al is die niet meer wat die vroeger was (door de kaartjes waarop u nog steeds zelf suggereert dat de OBA geen veilige locatie zou zijn).
Ik vermoedde dat er rond die tijd in de toiletten een keer iemand was verkracht – of iets dergelijks – en dat dat stil was gehouden. Ik kon geen andere verklaring bedenken (behalve pure paranoia, maar dat herken ik niet als “typisch OBA”).
Nu ga ik terug naar mij persoonlijk.
Als u in uw archieven naar de lidmaatschappen kijkt, kunt u zien dat ik al zeker veertig jaar bij de OBA kom. Ik ben in 1980 in Amsterdam bij de VVV gaan werken (en er later gaan studeren), maar ik denk dat ik niet voor 1982 lid was omdat ik tot mei 1982 in het Gooi woonde. Deels was dat lidmaatschap via een Adampas, waardoor ik ook toegang tot de universitaire bibliotheken had. Dat zal in de latere jaren ’90 zijn geweest.
Bovendien is bij meerdere van uw medewerkers bekend dat ik bij de UBVU een jaar lang een informatiespecialist (die met sabbatical was) heb vervangen en daarna ben gevraagd om nog vier maanden langer te blijven om de assimilatie van de collectie van het Geologisch Instituut van de UvA af te ronden (die al vele jaren voortsleepte en waar ik flink de schouders onder had gezet).
In die tijd werkte ik tevens, vooral in de avonduren en in weekends, bij advocatenkantoor Clifford Chance, ben ik mijn eigen bedrijf begonnen en was ik convener van een congressessie tijdens de AGU Spring Meeting in Boston in de VS, met subsidie van het Catharina van Tussenbroek fonds.
In deze mail neem ik in het BCC veld twee mensen mee die ik bij Clifford Chance heb leren kennen. Dat doe ik in het BCC veld omdat ik niet wil dat deze mensen vanuit de OBA worden lastig gevallen, maar ik wil wel dat zij van deze situatie op de hoogte zijn.
Een van hen ken ik als de Nederlandse partner van de man die aan de leiding stond van de afdeling waar ik werkte en de andere is een in Engeland opgegroeide Nederlandse die in die tijd bij haar tante in Oud-West woonde omdat ook toen al woonruimte in Amsterdam zeer schaars was. Ze woont nu weer in Engeland. Zij kent mij redelijk goed. Ze weet dat ik niet altijd de makkelijkste ben, maar ze waardeerde me zeer en liet me dat ook weten. Ze noemde me “zeer consciëntieus”. Dat was beslist niet alleen omdat ik in mijn vrije tijd aan de VU literatuuronderzoek naar de nieuwe “anti-sense” therapie deed omdat haar moeder maar niet van kanker af kon komen en anti-sense enige hoop leek te bieden.
Verder kunt u ongetwijfeld, als u dat wilt, zien dat mijn naam op uw planken voorkomt. Ik krijg namelijk al een jaar of twintig, dertig leenrechten betaald via de Stichting LIRA. Ik heb bijvoorbeeld meegewerkt aan populairwetenschappelijke boeken in de Nederlandse Voor Dummies serie. Ik ben onder meer aardwetenschapper (in 1993 cum laude aan de VU afgestudeerd) en heb in die hoedanigheid ook een stuk geschreven van Het Weer voor Dummies (over depressies, geloof ik), maar daar staat mijn naam niet in omdat het maar om een klein gedeelte ging.
Ik hoor graag uw reactie.
Met vriendelijke groet,
Angelina W.M.G. Souren MSc PhDc
—
Sent with Proton Mail secure email.